opmerkelijk

jaartallen

Wat de geschiedenis van Eindhoven zo interessant maakt is het feit dat van 1200 tot 1900 het stadje niet zo gek veel veranderde, en pas vanaf 1900, ook onder grote invloed van Philips, zich ontwikkeld heeft tot wat het nu is. Dus in feite een hele oude stad, waarvan maar weinig is terug te vinden.

Ontstaan aan de handelsweg tussen den Bosch en Luik, op een delta van Dommel en Gender, was het een kleine vestingstad van een paar honderd mensen met het recht om een weekmarkt te houden voor de hele omgeving, verkregen door de verworven stadsrechten in 1232.

De kleine stad heeft diverse rampen en oorlogen overleefd en in 1554 is het zelfs door de grote stadsbrand voor 95% verwoest. Men heeft toen heel even met de gedachte gespeeld om het ergens anders weer op te bouwen. Tijdens de herbouw werd bepaald dat de huizen niet meer met stro maar met dakpannen of lei bedekt moesten worden. Ook werd bepaald dat ze niet meer schots en scheef maar op één rechte lijn langs de hoofdstraat moesten staan. Zo is de naam Regtestraat, tegenwoordig Rechtestraat, ontstaan. Ook werd bepaald dat het marktplein een nette rechthoekige vorm moest krijgen, zijn huidige vorm.

Al zijn er nog maar weinig historische gebouwen over, de oude handelsroute is nog wel intact, Demer - Rechtestraat - Stratumseind - Stratumsedijk - Aalsterweg. Dat Eindhoven een vestingstad met wallen en grachten is geweest kun je ook nog afleiden aan het stratenpatroon (de tegenwoordige binnenring) met hun namen, b.v. Vestdijk (vesting), Oude Stadsgracht, Wal, en Keizersgracht.

Het moet vroeger in Eindhoven trouwens behoorlijk gestonken hebben want die grachten werden als open riool gebruikt, maar ook liepen de kippen en varkens nog gewoon op straat en overal lagen er mesthopen. Het stuk Stratumseind tussen de twee bruggen werd pas in 1767 van keien voorzien en was voorheen bij regen eigenlijk niet begaanbaar. Die stadsgrachten hebben er zelfs nog tot 1930 gelegen en moesten vanwege het toenemende verkeer gedempt worden.

Ook de Tongelresestraat, de Hoogstraat, de Gelderopseweg, de Strijpsestraat-Zeelsterstraat, de Lijmbeekstraat, de Oude Bosschebaan, de Woenselsestraat en de Aalsterweg waren oude handelsroutes en kwamen allemaal in het kleine Eindhoven bij elkaar. Daardoor Eindhoven als economisch centrum steeds belangrijker werd stond wel vast en dat resulteerde in de grote annexatie van 1920. Hierdoor werden alle omliggende dorpen bij Eindhoven gevoegd, dat daardoor in een klap groeide van 6.000 naar 45.000 zielen.

Ver daarvoor in 1860 werd in Den Haag besloten om Eindhoven in het spoorwegnet op te nemen. Door veel lobbywerk had men dit vanuit de uithoek van deze provincie voor elkaar gekregen, en dat was een prestatie van formaat van het toenmalige gemeentebestuur, want Eindhoven stelde toen als stad nog niets voor. De spoorlijn van Den Bosch, via Helmond naar Limburg werd daardoor met een behoorlijke bocht langs Eindhoven gekromt. Alleen de plaats van rails en station was een probleem want op Eindhoven's grondgebied was daar geen plaats voor. Om het spoor aan te leggen tussen Eindhoven en Stratum was, vanwege het vele water dat daar stroomde, te moeilijk en daardoor te kostbaar. Het hele emplacement kwam dus ten noorden van Eindhoven, op Woensels grondgebied te liggen, dicht tegen Eindhoven aan. Voor een verhoogde spoorbaan was geen geld, dus werd het een gelijkvloers spoor met een aantal spoorwegovergangen en een station derde klas, zoals dat toen heette. Hierdoor werd wel Woensel afgesneden van de rest en zo ontstond de beruchte Woenselse overweg, maar daar maalde op dat moment nog niemand over. De feestelijkheden vanwege de opening in 1866 konden trouwens niet doorgaan vanwege een heersende cholera-epidemie in Eindhoven.

Veel mensen denken dat de Nieuwstraat een heel oude straat is, maar die is pas op het eind van de 19e eeuw aangelegd als verbinding van Eindhoven naar het nieuwe station en het ook nieuw ontstane Stationsplein. Dezelfde prestatie als met het spoor had het Eindhovense stadsbestuur al eens eerder geleverd, want toen het maar niet lukte om Den Haag te overtuigen van het feit dat de nieuw te graven Zuid-Willemsvaart langs Eindhoven moest lopen, heeft Eindhoven geheel op eigen kosten het Eindhovens kanaal gegraven naar Helmond, naar de Zuid-Willemsvaart toe. Van het hele kanaal lag nog geen meter op Eindhovens grondgebied. Het was in 1846 klaar. Eindhoven telde toen 3000 inwoners.

het vervolg wordt aan gewerkt

links naar oud-eindhoven sites
eindhoven eertijds
eindhoven in thema's
monumenten in eindhoven
oud eindhoven
streekarchief eindhoven
oud strijps nieuwsblad
oud woensel
basis onderwijs in strijp
vroeger en nu
eindhoven in beeld
oud eindhoven - de bergen
eindhoven in beeld